Enkele weken geleden werd in de column ‘De martelaren van Alkmaar’ al even stilgestaan bij de herdenking dit jaar van de geboorte van Nederland 450 jaar geleden. Wat gebeurde er nu precies in dat jaar 1572 om daar nu nog aandacht aan te besteden? En waarom geven we er met terugwerkende kracht het predicaat geboorte aan?
Er was veel woede en angst voor het bestuur en militaire optreden van Alva in de Nederlanden. De Statenvergadering van het gewest Holland kwam van 19 juli tot en met 23 juli 1572 in vergadering te Dordrecht bijeen. Dat was ongehoord. Het was immers een privilege van de landsheer (Filips de tweede) of zijn vertegenwoordiger om die vergadering normaliter bijeen te roepen.
Marnix van St. Aldegonde zat de vergadering in het Dordtse Augustijnen hof (zie de foto) voor. De adel was vertegenwoordigd, als mede 12 Hollandse steden. Zij durfden deze illegale en revolutionaire stap wel te zetten. En ja, ook de stad Almaar was daarbij. Jacob van Waerdendel (een van de 3 Alkmaarse burgemeesters) en Claes van Houten (lid van de vroedschap) schoven in Dordrecht aan de vergadertafel. De vergadering riep Willem van Oranje uit tot stadhouder van de gewesten Holland, Zeeland en Utrecht en stelde hem 650.000,- gulden ter beschikking om een leger te bekostigen. Belangrijk was voorts dat de vrije Statenvergadering uitsprak dat zowel de katholieke als protestantse eredienst gepraktiseerd kon worden. Jammer dat na een jaar dat recht voor de katholieken alweer verviel.
Over de aanduiding ‘geboorte van Nederland’ valt te twisten. Ja, het was een revolutionaire daad, maar die beperkte zich vooralsnog tot het gewest Holland. En het was primair een actie tegen Alva. De positie van Filips de tweede werd toen nog gerespecteerd. U weet wel: ‘de koning van Hispanje heb ik altijd geëerd’. Niettemin was de eerste vrije Statenvergadering een belangrijke stap in de ontwikkeling naar de totstandkoming van uiteindelijk een zelfstandige natie. Waard om herdacht te worden.
Klaas te Bos, HVA