De Groote Oorlog in Alkmaar?

Deze dagen dienen we te verslaan, revanche te nemen. De overwinning smaakt zoet, wist de schande van een vorige nederlaag uit. Ondertussen vloeit het bier, rookt de barbecue. Wat hebben we het goed tijdens de ‘strijd’.

Dit zijn ook de dagen, dat de Eerste Wereldoorlog honderd jaar geleden uitbrak. Een echte, afschuwelijke strijd. Het ging aan ons voorbij, leerden we op school. We waren immers neutraal. Maar is dat niet een rooskleurig beeld? Alkmaar was nota bene de eerste stad in Nederland, die de oorlog binnen zijn grenzen zag komen. Nederland moest alle oorlogvoerende militairen ontwapenen en interneren, die op ons grondgebied kwamen. In de eerste oorlogsdagen waren dat 52 Belgische en 179 Duitse (gedeserteerde) militairen. Die werden (samen!) geïnterneerd in Alkmaar in de leegstaande Kadettenschool aan de Wilhelminalaan. De vijandigheid ging binnen de kazernemuren gewoon door. Het werd er niet gezellig. De Belgen werden overgebracht naar Kamp Gaasterland. De Duitsers kwamen uiteindelijk in Kamp Bergen.

Alkmaar merkte nog wel meer van ‘la Grande Guerre’. Veel jonge mannen werden gemobiliseerd en in de grensstreek gelegerd. Daar gebeurde niks. Men verveelde zich. Ansichtkaarten, die de soldaten naar huis konden sturen, hadden teksten als: “Voor je gezondheid wordt ten strengste gewaakt. Daarom moet je houthakken tot je rug er van kraakt.” Je moest die soldaten aan de grens toch iets laten doen: hout hakken, greppels graven, heide ontginnen…

De voorraden raakten op, alles moest op de bon. Er kwamen gaarkeukens voor de armsten. “Droom van een huisvrouw”, lees je op een andere ansichtkaart, “de huisvrouw droomt van zeep en brood. En in haar droom kent zij geen nood.”

Het was ook de tijd van strijd voor het vrouwenkiesrecht, van Troelstra, de vliegtuigen van Fokker, maar ook van de ‘war horses’. In theehuis Het Kruithuis in de Doelenstraat vindt u op de zolder het kleine particuliere oorlogsmuseum Le Poilu, bijnaam voor de Franse loopgraafsoldaat. In Bergen in het Sterkenhuis krijgt u een beeld van ‘de Groote Oorlog in het kleine dorp’. In het Stadsarchief te Amsterdam ziet u het leven van een stad in schaarste met alles op de bon, zelfs de liefde en het zoenen, als je gevoel voor humor hebt. Als u even tijd heeft raad ik u deze zomer een tourtje aan langs deze drie kleine, bijzondere exposities. Ze laten zien, dat ‘de Grootte Oorlog’ dichter bij was voor onze (over-)grootouders, dan we misschien dachten.