Waag Alkmaar bij de Bathbrug

Leuk dat u het vraagt. Vooral nu. Dit is de honderdste column, hè. Oh, u heeft het niet bijgehouden. Ze staan genummerd op onze website. Is zo na te tellen dus. Tsja, hoe schrijf ik zo’n column. Meestal aan de keukentafel, op mijn ipad. Loop de hele week te broeden op een onderwerp. De actualiteit is het leukste. Zoek er vervolgens een historische achtergrond bij, want je moet er wel wat van leren natuurlijk. En er ook nog bij lachen. Oh ja, u wist niet  dat elke column exact 400 woorden lang is? Geen 401 of 399, maar 400. Dat hoeft niet perse, maar dat wil ik zelf. Is een uitdaging, schaken met woorden, zeg maar. En dan een passende foto vinden of zelf maken. Het schrijven is het probleem niet. Het vinden van een aardig onderwerp wel. Ik kan natuurlijk altijd terugvallen op een historisch feit, iets van vroeger. Maar dan is de kans groot dat ik u niks nieuws vertel. Dus liever iets actueels.

Neem nou die levensgrote plastic kaasdragers. Wist u nog niet? Maar ze komen er wel. Bij de Bathbrug op de Mient. Onze strenge adviesleden voor de welstand vinden het niks. Terecht natuurlijk. En dan ook nog op zo’n fotogeniek plekje! We zien de kaasdragers liever levend en hotsend met die zware kaasberries. In 1593 al werd hun kaasdragersgilde opgericht. Maar persoonlijk snap ik de logica wel. Die hele kaasmarkt is nep. Er wordt niks verhandeld. Dus waarom dan ook geen namaak-kaasdragers? Bovendien, kom je als toerist helemaal naar Alkmaar, blijkt het donderdagochtend te zijn. Geen kaasdrager te zien. Voor al die teleurgestelde kindertoeristengezichtjes is dit een goedkope, regen-en-wind-bestendige oplossing.

Men schijnt in de Langestraat nog wel een interim-taalcoach te hebben ingehuurd om na te gaan of het hoofdstedelijke succes van ‘iamsterdam’ is na te bootsen, maar verder dan ‘iloveAlkmaar’ schijnt die niet te zijn gekomen. De gemeentesecretaris kon het niet over zijn lippen krijgen. Vandaar. Toen bedachten die leuke meiden van Alkmaar Prachtstad de plastic hunkversie van de jonge kaasdragers. Want alle toeristen willen natuurlijk wel met iets typisch Alkmaars meteen op Facebook. Als het net zo gaat als met ‘iamsterdam’ in 020 op het Museumplein daar weet u dus nu al wat de meest gemaakte foto van Alkmaar gaat worden. Een slimme winkelier zal de kaashunks graag willen sponsoren, met zijn webadres vol in beeld. Op naar de tweehonderd nu.