De eerste maanden van 2020 beheerst het corona-virus ons leven. De impact is groot, we schrikken van de aantallen besmettingen en doden. De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat deze cijfers voorlopig in schril contrast staan met cijfers van honderd jaar geleden. Toen namelijk, van begin 1918 tot eind 1920 raasde de Spaanse griep – bijgenaamd de ‘Windvlaag des Doods’ – in drie golven over onze wereld. Een spoor van zo’n 50 miljoen doden achterlatend. Dat is toch andere koek.

Afrika en Azië en personen tussen de 20 en 40 jaar werden het zwaarst getroffen. Meer slachtoffers dan de eerste wereldoorlog eiste. Toch heeft deze ingrijpende gebeurtenis in de geschiedenisboeken slechts de status van een voetnoot bereikt. In de populaire tv serie Downton Abbey werd overigens wel nadrukkelijk aandacht besteed aan de gevolgen van de Spaanse griep. De opwinding over en aandacht voor een bedreigend virus zoals het coronavirus lijkt nu veel groter.

Waar het virus van de Spaanse griep vandaan kwam, is nog steeds onduidelijk. China, Kansas in de Verenigde Staten of een Brits legerkamp in Frankrijk in de eerste wereldoorlog waren mogelijke bronnen. In ieder geval was Spanje niét de boosdoener. Spaanse kranten besteedden in 1918 veel aandacht aan de pandemie. De media in de oorlogvoerende landen hulden zich daarentegen in stilzwijgen vanwege militaire belangen. Daardoor groeide het idee dat de griep in Spanje was ontstaan.

In Nederland stierven plusminus 60.000 inwoners aan de Spaanse griep. In Alkmaar zou het om ongeveer 50 dodelijke slachtoffers gaan. Zo stierf ook Jan van Til, meubelmaker en oprichter van het alom bekende Alkmaarse meubelconcern Van Til in 1918 aan de gevolgen van de Spaanse griep. Alle getallen van slachtoffers zijn overigens schattingen. Door het ontbreken van een goede registratie en onduidelijkheid over de symptomen van de griep beschikken we niet over echt exacte cijfers.

De maatregelen van toen en nu om verspreiding van de epidemie te beteugelen, verschillen niet veel van elkaar. Namelijk: voorkomen dat mensen in grote getalen met elkaar in aanraking komen. Berichten in de Alkmaarsche Courant van ruim honderd jaar geleden getuigen daarvan. In veelal korte en nuchtere berichten wordt melding gedaan dat scholen enkele weken gesloten worden. Het provinciaal bestuur adviseert de gemeenten in Noord Holland kermissen niet door te laten gaan et cetera. Is die sobere en ingehouden weergave van de gebeurtenissen van toen een reële weergave hoe de inwoners om gingen met de Spaanse griep? Of vormde de griep – net als nu – het onderwerp van het dagelijks gesprek en leidde het toch ook tot gevoelens van angst en paniek?

Klaas te Bos, HVA