![]() |
Alkmaar in de Klas
|
inhoud
Alkmaar in de Klas Historische Vereniging Alkmaar |
|
Bouwen
en behouden---------------havo/vwo
Alkmaar groeit als kool. Begin deze eeuw woonden er 93 duizend mensen, bijna 2,5 keer zoveel als vijftig jaar geleden. De stad hoort tegenwoordig bij de dertig grootste steden van Nederland en telt meer inwoners dan Den Helder, Hoorn of Enkhuizen. Op de ranglijst van nationale winkelsteden staat Alkmaar nog hoger: een derde plaats! Na Heerlen en Venlo (in Limburg) heeft Alkmaar het grootste aantal vierkante meters winkelruimte per inwoner. Het snelst groeide de bevolking van Alkmaar tussen 1970 en 1995. Voor al die nieuwe Alkmaarders moesten huizen worden gebouwd. Soms met hele woonwijken tegelijk. Natuurlijk waren er ook andere dingen nodig: meer winkels, scholen, banen, wegen, sportvelden, ziekenhuisbedden, postkantoren. Waar komen al die nieuwe Alkmaarders vandaan? En wie zorgt voor al die dingen – wie beslist of ergens een parkeerplaats moet komen of juist een trapveldje? Hebben de bewoners daar zelf iets over te zeggen? Wat is er door de groei van Alkmaar allemaal veranderd in de stad? Welke dingen zijn ongeveer hetzelfde gebleven? Hoe kun je bijna 100 duizend Alkmaarders prettig laten samenleven? Over deze vragen gaat dit lespakket. Het gaat over leven, wonen en besturen in ‘de moderne stad’ – in dit geval je ‘eigen’ stad, Alkmaar. Het past bij het hoofdstuk over ‘besluiten en besturen’ in je geschiedenisboek. Maar het gaat ook over aardrijkskunde en economie: over hoe mensen hun omgeving ‘inrichten’ en hun brood verdienen. Het pakket bestaat uit drie onderdelen: 1 Alkmaar als woon-, werk- en winkelstad 2 Samenleven in de moderne stad 3 Kiezen of delen |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
1. Alkmaar als woon-, werk- en winkelstad Alkmaar, een leuke stad? Is Alkmaar een leuke stad om te wonen? Verreweg de meeste Alkmaarders zeggen van wel. Als pluspunten noemen ze het mooie stadscentrum, ‘prettig wonen’ en ‘leuk winkelen’. Ook ‘mooie omgeving’ en ‘centrum van de regio’ worden vaak genoemd. Minpunten zijn er ook. De meeste mensen vinden parkeren in de binnenstad het grootste probleem. Veel mensen vinden ook dat je met de auto moeilijk in het centrum kunt komen. Op sommige punten zijn de meningen verdeeld. Zo noemt 16 procent van de inwoners ‘leuk uitgaan’ een goed punt van Alkmaar. Maar tegelijk zegt 9 procent dat ‘niet leuk uitgaan’ juist een groot nadeel is van Alkmaar! Hoe weten we dit allemaal? De gemeente Alkmaar laat elk jaar een aantal inwoners een vragenlijst invullen. Over huisvesting, onderwijs, werk, vrije tijd en nog veel meer. In bron 1 zie je de uitslag van dat onderzoek in het jaar 2000. ![]()
Een spin in het web Het gemeentebestuur moet niet alleen rekening houden met de wensen van de Alkmaarders zelf. De stad is ook belangrijk voor het gebied eromheen: de regio Noord-Kennemerland. Als centrum van winkels bijvoorbeeld, van dienstverlening en zorg, van werk en scholing. Bijna de helft van alle leerlingen op de Alkmaarse middelbare scholen bijvoorbeeld komt van buiten de stad. In bron 2 kun je zien hoe dat per school zit. ![]()
Continuïteit en verandering Al in de Middeleeuwen was Alkmaar een markt- en handelsplaats. Dat is altijd zo gebleven: ook nu nog is Alkmaar in de eerste plaats een handelsstad. De meeste banen vind je nog altijd in de sector ‘winkels, handel en reparatie’. Verder werken er veel mensen in de dienstverlening, de bouw, de horeca, het onderwijs en de gezondheidszorg. Grote bedrijven zijn er bijna niet. Van elke honderd banen zijn er hooguit zeven in de industrie. De economie van Alkmaar kent dus, door de eeuwen heen, een grote continuïteit. ![]() ![]() bron 3 De Gedempte Nieuwesloot omstreeks 2000. Hier is nog wekelijks markt. ![]() ![]() bron 4 Winkelcentrum De Mare. Foto's gemaakt omstreeks 2000 Toch is er ook veel veranderd. Vroeger had Alkmaar bijna alleen met de omringende dorpen te maken. Die tijd is voorbij. Alkmaar wordt steeds meer een deel van de noordelijke Randstad. Dat is het grote gebied rond Amsterdam, Haarlem en IJmuiden-Velzen (de IJmond). In dat gebied moeten gemeenten steeds vaker met elkaar overleggen: over wonen, werken en verkeer. Het gemeentebestuur van Alkmaar kan dus steeds minder dingen alleen beslissen. Een van die nieuwe manieren van samenwerken is die in het zogenaamde HAL-gebied: de gemeenten Heerhugowaard, Alkmaar en Langedijk. In dat gebied moeten tot 2010 nog 13 duizend nieuwe woningen worden gebouwd. De drie HAL-gemeenten werken daarbij samen. Net als bij de vestiging van nieuwe bedrijven en de aanleg van verkeerswegen.
bron 5 ![]()
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
2. Samenleven in de moderne stad ![]() bron 6 Stukje uit de strip "Van nul tot nu". De geschiedenis van het dagelijks leven. Nieuwe huizen, nieuwe gezichten Na 1945 was er in Alkmaar een groot tekort aan woningen. Er moesten snel nieuwe huizen komen. Maar zo kort na de Tweede Wereldoorlog was er niet veel geld. Bouwen moest dus snel èn goedkoop. Daarom werden er eerst vooral flatwoningen gebouwd. In de jaren vijftig en zestig ontstonden zo de eerste nieuwe wijken aan de rand van de stad: Kooimeer, de Oudorperpolder en De Hoef. Je herkent die naoorlogse flatwijken aan de rechte, eentonige woonblokken. De nieuwe woningen waren niet alleen voor de Alkmaarders zelf. Er kwamen nieuwkomers bij. Vanaf 1960 trokken de eerste ‘gastarbeiders’ uit Italië en Spanje naar Alkmaar. In de jaren zeventig volgden Turkse en Marokkaanse werknemers. De buitenlandse arbeiders werkten meestal in het IJmondgebied, bij de Hoogovens (nu Corus) en andere industrieën. In het begin woonden ze bij elkaar in pensions. Later kwamen hun gezinnen over. Veel buitenlandse gezinnen gingen wonen in de naoorlogse flatwijken. Alkmaar, een groeigemeente De grootste groep nieuwkomers kwam na 1975 van veel dichterbij: uit de regio Amsterdam en IJmond. Hoe zit dat? In de Randstad werd het vanaf de jaren zestig steeds voller. Vooral de grote steden waren helemaal volgebouwd. De regering wilde daar iets aan doen. Overal in Nederland werden gemeenten aangewezen als ‘groeigemeente’. Zij moesten de overloop uit de randstad opvangen. Ook Alkmaar werd zo’n groeigemeente. Tussen 1975 en 2005 moesten er 15 duizend extra woningen komen. Als die af zijn, zal de stad 120 duizend inwoners tellen. In Alkmaar-Noord kwamen na 1975 grote nieuwe wijken als Huiswaard 2, De Horn en Daalmeer. De ideeën over modern wonen waren intussen veranderd. Geen flats meer, maar eengezinswoningen. Die waren vooral in trek bij gezinnen met jonge kinderen die uit de drukke Randstad weg wilden.
In Alkmaar wonen tegenwoordig mensen uit allerlei landen en culturen. Een op de twintig Alkmaarders heeft een buitenlands paspoort. De grope met een buitenlandse achtergrond is veel groetr: een op de vijf Alkmaarders heeft ouders die in het buitenland zijn geboren. Meestal in Turkije, Marokko, Suriname en de Antillen. Tegenwoordig wonen in Alkmaar meer dan 25 nationaliteiten. Bijvoorbeeld mensen uit Afghanistan, Somalië, Vietnam, Iran, Chili en Indonesië.
Stadsuitbreiding – iedereen blij? In de jaren zestig was Alkmaar al behoorlijk volgebouwd. Toch bleven de nieuwkomers toestromen. In de stad zelf was er te weinig grond om voor al die mensen nieuwe huizen te bouwen. Om nieuwe wijken te kunnen bouwen, wilde Alkmaar grond kopen van Heiloo, Bergen, Oudorp, Koedijk en Sint Pancras. Dat leidde in die dorpen tot felle protesten. De bewoners van Koedijk en Sint Pancras voerden actie onder het motto:"Geen betonnen kippenhokken in onze groene polders!" In 1972 hakte de regering in Den Haag de knoop door. Alkmaar mocht het grondgebied van Oudorp, Koedijk en een deel van Sint-Pancras bij de stad trekken. Zo kreeg de gemeente er op 1 oktober 1972 opeens 9000 inwoners bij - die daar niet om hadden gevraagd.
Slopen of herstellen? Het centrum van Alkmaar, zonder grachten. Een grote verkeersweg dwars door de stad. Kantoren in plaats van oude gevels. Zo kan de stad het best worden aangepast aan de moderne tijd. Tenminste, dat vond het stadsbestuur na de Tweede Wereldoorlog. Bij een moderne, snel groeiende gemeente paste geen oude, vervallen binnenstad. De binnenstad van Alkmaar was er halverwege de 20ste eeuw niet best aan toe. Veel huizen waren verwaarloosd en bouwvallig. De gemeente vond dat grote stukken van het centrum maar beter gesloopt konden worden. Zo zou er ook ruimte komen voor het moderne autoverkeer. Volgens het ‘Herstelplan’ van de gemeente uit 1958 moesten daarom bijna alle grachten worden gedempt. Dwars door de stad moesten twee grote verkeerswegen komen.
Veel Alkmaarders waren kwaad over het plan van de gemeente. Zij vonden dat de historische binnenstad vol monumenten en huizen uit de 17de en 18de eeuw bewaard moest blijven. Door de protesten (en omdat het plan veel te duur was) moest de gemeente haar plan een paar keer veranderen. De uitvoering begon pas eind jaren zeventig. Ondertussen waren veel Nederlanders anders gaan denken over de waarde de oude binnensteden. Er kwam meer aandacht voor herstel, restauratie en behoud van mooie oude huizen en gebouwen. Gelukkig maar. Tegenwoordig trekt het historische stadscentrum van Alkmaar veel toeristen. En in 1988 riep de regering in Den Haag de Alkmaarse binnenstad uit tot ‘beschermd stadsgezicht’.
![]() ![]() bron 15 Een van de oudste huizen staat aan de Kanisstraat 1, achter de Grote Kerk. Na de restauratie door Bureau Monumentenzorg ziet de gevel er weer bijna zo uit als in 1540. |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
3. Kiezen of delen Wat zie jij het liefst aan de overkant van je straat: een drukke verkeersweg of een park waar je kunt voetballen of in het gras kunt liggen? Een parkeergarage of een disco? Waarschijnlijk is de keus voor jou niet zo moeilijk. Voor een winkelier in de binnenstad trouwens ook niet. Die heeft het liefst een parkeergarage. Want zonder parkeerplaatsen blijven zijn klanten weg en kan hij zijn handel wel sluiten. In een stad zijn parken èn parkeergarages nodig. En scholen, verkeerswegen, kinderspeelplaatsen, bejaardenwoningen... Maar niet overal is geld èn ruimte voor. Niet alle problemen kunnen in één keer worden opgelost. Wie beslist nu wat voorrang moet krijgen? Uiteindelijk is dat de gemeenteraad. Die wordt om de vier jaar door alle volwassen Alkmaarders samen gekozen. Zo beslissen de inwoners indirect mee over de inrichting van hun stad. Ook jij mag straks (als je 18 bent) je stem uitbrengen.
Meepraten in de wijk Kan je nu alleen maar via je stembiljet invloed uitoefenen op wat er in je straat of buurt gebeurt? Of zijn er nog andere manieren? Jazeker. Je kunt actie voeren, net als de bewoners van de binnenstad in de jaren zestig. Je kunt brieven schrijven of e-mails sturen aan de gemeenteraadsleden. Je kunt in de buurt handtekeningen verzamelen. Je kunt de krant of de lokale TV uitnodigen: misschien dat die aandacht besteden aan jouw actiepunt. Soms vraagt de gemeente de bewoners meteen al hun mening over een plan. Voorkomen is beter dan genezen! Doordat Alkmaar tegenwoordig zo groot is, is het moeilijk om alles centraal vanuit het stadhuis te regelen. Om die reden worden sommige taken van de gemeente nu uitgevoerd in de wijken. Bijvoorbeeld het onderhoud van de straat, de buurtveiligheid en het jongeren- en welzijnswerk. Je noemt dat decentralisatie. Alkmaar is opgedeeld in acht wijken. Elke wijk is weer onderverdeeld in vijf tot tien buurten. Elke wijk heeft tegenwoordig een ‘eigen’ wijkagent, een wijkmeester en soms ook een wijkraad van bewoners.
Kiezen of delen? Alle inwoners van de stad hebben dezelfde rechten. Maar niet alle inwoners hebben dezelfde belangen. De één wil een groot kantoor bouwen, liefst aan de rand van de stad. Dan is het goed bereikbaar met de auto. Maar de ander wil niet dat daarvoor zijn huis wordt gesloopt. Of dat er een nieuwe weg langs zijn achtertuin komt. Niet iedereen kan altijd zijn zin krijgen. Daarom moet de gemeente steeds verschillende belangen tegen elkaar afwegen. Welk belang moet voorrang krijgen? Het afwegen van belangen: dat is waar het om draait bij besluiten en besturen – in de politiek dus. Elke politieke partij heeft een mening over welk belang het zwaarst moet wegen. In een democratie beslist de meerderheid. Als het goed is, komen de meeste politieke besluiten dus tegemoet aan de belangen van de grootste groep(en) mensen. Maar heeft de meerderheid ook altijd gelijk? Soms blijkt achteraf dat een besluit niet zo verstandig was. Want ook de belangen van mensen kunnen in de loop van de tijd veranderen. Dat hebben we gezien bij de paragraaf over het herstel van de binnenstad. ![]() Bron 17 Artikel uit het Alkmaars Nieuwsblad, februari 2002
Einde van Bouwen en Behouden in Alkmaar. Terug naar inhoudsopgave |