Bloemwijk, kan het anders in Alkmaar?

‘Wij weten wat goed voor u is’. Zodra je dat gevoel krijgt bij een instantie moet je op je hoede zijn. De bewoners van de Bloembuurt kregen eind februari te horen, dat hun wijk gesloopt moet worden. Althans, ‘Van Alckmaer voor wonen’ stelt dat de huizen niet meer van deze tijd zijn, constructieve problemen kennen, lijden aan verpulverend voegwerk, schimmel en vocht vertonen en niet meer geschikt zijn te maken voor duurzaam energiegebruik. De vooroorlogse volkswijk achter de Westerweg telt vele huurwoningen. Maar daarnaast zijn er net als in andere oude stadswijken ook veel huizen in particulier bezit. De wijk heeft geen monumentstatus. Maar als je er doorheen gaat ervaar je de pittoreske sfeer van toen. Achter de chique Westerweg met zijn herenhuizen en de dwarsstraten die een verbinding maken met het nog chiquere  Nassauplein aan de oostkant liggen naar het westen tegen de spoorbaan aan de nette arbeiderswoningen van een bescheidener maat. “Koester je oude stadswijken”, hield André Thomsen ons jarenlang voor, “het zijn de buurten waar de burgers elkaar nog kennen.” De hoogleraar  Woningverbetering en Woningbeheer van de TU Delft is allang met pensioen, maar als ‘beschermheilige van de volksbuurt’ wil hij nog wel een lans breken voor de Bloemwijk. We leerden hem kennen in de strijd tegen de sloopkogel in het Oostelijk stadsdeel, in Oud-Overdie en met name in de Spoorbuurt. Eind jaren zestig golden vergelijkbare argumenten: ‘niet meer van deze tijd’. In de Spoorbuurt zouden hoge kantoorgebouwen komen. Toen in 1970 burgemeester Roel de Wit aantrad keerden de kansen. De oprukkende prostitutie werd in de Spoorbuurt geweerd. Eigenaarschap en renovatie werden gestimuleerd.  Van een verloren gewaand wijkje, een lelijk eendje in Alkmaar, werd het een schilderachtig, gezellig, artistiek buurtje. Dankzij het strijdlustige buurtcomité, de komst van een school, het inzicht bij de gemeente, dat een buurt in de eerste plaats uit mensen bestaat. Ander mooi voorbeeld van Van Alckmaer zelf, hoe het ook kan, is de schitterend gerestaureerde Uitenboschstraat in Oud-Overdie. We bekroonden die straat in 2013 zelfs met de Puienprijs. Kortom, ondanks de ernstige bouwkundige conclusies van een technisch rapport van een gerenommeerde firma, ondanks het overleg met de huurders, ondanks de ongetwijfeld goede bedoelingen voor een duurzamer toekomst van de wijk…moet de stad op zijn hoede zijn. Bij een zware operatie wil een ‘second opinion’ nog wel eens helpen om absolute duidelijkheid te krijgen. Kan het anders?