Dit najaar komt het laatste deelproject (het Turfschip) van de nieuwbouwwijk  de Schelphoek gereed. Hiermee is de transitie van haven in een woonwijk over een periode van 4 eeuwen afgerond. Hoe ging dat precies..?

Rond 1600 legde de stad eilanden aan in het Voormeer. Bedrijven als zoutketen, houzagerij, bierbrouwerij en scheepswerven bepaalden het karakter van dit nieuwe stuk Alkmaar. Het vormde ook een haven binnen de stadsvesten. Het belang van dit stadsdeel voor de economie van Alkmaar bleek ook in de 19e eeuw bij de keuze voor de bouw van een treinstation. Het gemeentebestuur wilde het station aanvankelijk nabij de voormalige Boompoort bouwen. Immers daar waren de meeste economisch activiteiten geconcentreerd.

Eind van de 20ste eeuw ontstonden plannen voor de ontwikkeling van een woonwijk. Maar tussen plannen maken en daadwerkelijk huizen bouwen bevindt zich de weerbarstige realiteit. Menig plan zag het licht. Dankzij actie van de Historische Vereniging Alkmaar besloot het gemeentebestuur weer een gracht in de nieuwbouwwijk aan te leggen. Zo kon de in 1954 gedempte Schelphoekgracht aan een tweede leven beginnen.

Op 6 juni 2008 startte de verkoop van de woningen voor het eerste deelproject (de Havenmeester). Enkele maanden later gooide de bankencrisis meteen alweer roet in het eten. Het project stokte. Een jaar later ging dan toch de eerste paal voor de Havenmeester de grond in. In het eerste nummer van het Schelphoekjournaal (2010) sprak de gemeente de verwachting uit dat in 2014 alle 11 deelprojecten van de nieuwe wijk zouden zijn voltooid.

Dit is uiteindelijk 6 jaar later geworden. Die vertraging is de moeite waard geweest. Een gevarieerde woonwijk is ontstaan. De Schelphoek wordt aangemerkt als een deel van de stad binnen de singels. De band met de binnenstad zou nog wat meer accent kunnen krijgen. Bijvoorbeeld door een zebrapad tussen Voormeer en Verdronkenoord.

Klaas te Bos, HVA