Kapelkerk interieur Tiem Meijering

Kapelkerk onder druk, in Alkmaar

Aan de buitenkant zie je niet hoe mooi Alkmaars tweede kerk van binnen is. Er is een schat aan kostbare monumentale inrichting te vinden. We kunnen dat maar summier aangeven op deze plek. Denkt u aan het mooist bewaard gebleven orgel van de achttiende-eeuwse orgelbouwer Müller. De oudste delen van de Kapelkerk zijn van 1500-1540. Een brand in 1760 legde de kerk bijna geheel in de as. Werd herbouwd en heropend in 1762. Toen is ook het prachtige rococoplafond aangebracht. En werd het orgel en de preekstoel geschonken door een rijke weduwe, die enorm dankbaar was, dat haar naastliggende huis gespaard bleef. Ook de majestueuze ‘magistraatsbank’ in de dwarsbeuk mag er zijn. Paar jaar geleden nog met rijksgelden gerestaureerd. De overige banken zijn eveneens monumentaal, uit de zeventiende en achttiende eeuw. De gebrandschilderde ramen uit het begin van de vorige eeuw vormen een gaaf bewaard uniek ensemble. In 2001 tot 2004 is de kerk dankzij grote subsidies grondig gerestaureerd. Daarmee bezit Alkmaar een  prachtig sfeervol middeleeuws kerkgebouw, waar menige stad jaloers op zou kunnen zijn.

Maar de toekomst is ongewis. Nu de druk op de ketel bij Ringers wat lijkt te zijn afgenomen, vraagt opeens de Kapelkerk onze volle aandacht. Er zijn concrete plannen. Een alternatief theatergezelschap, De Karavaan, voelt zich zo zeker van zijn nieuwe onderkomen, dat er al plannen voor herinrichting naar buiten sijpelen. De gemeente benadrukt, dat alle monumentale waarden behouden blijven. Maar kan het stadsbestuur dat waarmaken?  Voor een toneelpodium zou één van de juwelen van de kerk, de magistraatsbank, gesloopt moeten worden. ‘Kan Piet Hein Eek wel tuinmeubilair van zagen’, schijnt er grappend te zijn gezegd. Er zijn mensen die er ’s nacht wakker van liggen. Is er enig benul van de schade, die men hier kan aanbrengen. Begrijpt men de kwetsbaarheid van het orgel, dat zeer gevoelig is voor temperatuur- en vochtschommelingen. Gun De Karavaan de straks leegstaande Harmonie, stelden we de gemeente al eens voor. Dat oude theater past beter bij het experimentele gezelschap dan een kwetsbare middeleeuwse monumentale kerk. Er is een Vriendenstichting opgericht, met een prima plan voor muziek, lezingen en bijeenkomsten. Met een grote huurder, die de exploitatie haalbaar maakt. Krijgen zij een faire kans van de protestantse kerkeigenaar èn van de politiek om hun plannen te presenteren? De Vrienden pleiten voor hergebruik zo dicht mogelijk bij de oorspronkelijke bedoeling van het gebouw. Ons idee!