Monument van vrede in Alkmaar?

“Een atoomvrije grafkelder”, aldus gemeentesecretaris Henk Blokhuis. Dat valt te lezen in het nieuwe boek 'Schuilen voor de atoombom in Alkmaar'. De auteurs hebben na jarenlange studie het erfgoed in beeld gebracht, dat in Alkmaar nog te vinden is uit de Koude Oorlog-periode: schuilkelders, waterkeringen, een noodbestuurspost, BB-commandoposten en een luchtwachtcentrum. Je moet goed kijken èn weten wat waar te vinden is, anders loop je eraan voorbij. Lees de column van Leen Spaans:
Schuilen voor de atoombom in Alkmaar - Leen Spaans - Historische Vereniging Alkmaar

Schuilen voor de atoombom in Alkmaar
Auteur Rutger Noorlander en Colette CramerToenmalig gemeentesecretaris Henk Blokhuis gaf nog meer commentaar. Hij was in de jaren zestig de baas van de ambtenaren van het stadhuis. Maar zelfs Henk wist niet, dat er onder de nieuwe vleugel aan de Breedstraat een atoomvrije noodbestuurspost was gebouwd. Voor de burgemeester, een enkele ambtenaar en een functionaris van de BB. Als de stad bij een nieuwe oorlog in puin zou liggen en de bevolking zou zijn gedood door de luchtdrukklap, de vuurstorm en de radioactieve fall-out zou in ieder geval burgemeester Wytema diep onder de grond achter dikke betonnen muren nog zijn bestuurlijke taak kunnen uitvoeren. “Een atoomvrije grafkelder”, merkte Henk Blokhuis spottend op, toen hij eenmaal had ontdekt wat er onder de vloer ‘top-secret’ werd verborgen. Het was typerend voor de reactie van de bevolking tijdens de Koude Oorlog. Helemaal niks doen was geen optie, ‘laat alle hoop varen’ was niet de bedoeling. Maar dat alle voorzorgen tegen een atoomaanval, – van de Russen natuurlijk -, serieus werden genomen is ook niet waar. Harry Mulisch maakte de beschermingsmaatregelen onsterfelijk belachelijk door de huiveringwekkende getallen te noemen, die horen bij de ontketende kracht van een atoombom. Schuilen onder de trap helpt weinig bij een kilometers lange hittegolf van een paar duizend graden. Bijvoorbeeld.

Voor de bevolking was er plek voor 6000 zielen in de garages onder theater De Vest, die primair waren gebouwd als atoom-schuilkelders. Veel onderdelen zijn bewaard gebleven. Die zesduizend Alkmaarders hadden er dan twee weken moeten kunnen blijven leven. En dan naar buiten. Maar hoe maakte je die keuze van 6000 in de stad, die toentertijd 50000 inwoners telde. Bescherming als illusie voor velen!

Wandelend door de stad zie je wat er boven de grond is bewaard: de uitgang van de vluchtweg in de tuin van het stadhuis aan de Breedstraat, schotbalk- en sluiskeringen bij enkele bruggen over de grachten,  de voormalige kringcommandopost van de BB in de  Frans Halsstraat (nu gezondheidscentrum), het Luchtwachtcentrum aan de Boezemsingel (zie ook de column van maart jl.), delen van het  Nucleair Chemisch Onderkomen onder de voormalige PTT-Telefooncentrale aan de Koelmalaan. Het andere erfgoed is onder de grond en vanaf de openbare weg niet te zien. Maar uiteraard wel in het boek.

In deze tijd is er opnieuw weinig nodig om een mondiale catastrofe te veroorzaken. Het Koude Oorlog-erfgoed leert ons, dat mensen niet zonder hoop op bescherming durven te leven. Maar evengoed, dat die bescherming een illusie zal blijken te zijn bij het ultieme atoomgeweld. Dat dit erfgoed er na al die jaren nog steeds is en nooit hoefde te worden gebruikt, maakt het tot een monument van vrede. Zuinig op zijn!

Interesse voor het boek? Klik hier !

Leen Spaans